SLAAPWANDELEN
pagina 1 van 4Justin volkering school= spelevaert
SLAAPWANDELEN
Maandag 27 oktober
Tuut-tuut-tuut, de wekker gaat af. Ik wil niet wakker worden, want ik ben nog zo moe. Het lijkt wel of ik nog niet heb geslapen. Ik ga naar beneden om mij aan te kleden. Mamma heeft eten klaar gezet, maar ik heb helemaal geen honger.
Als ik op school kom is er allemaal politie, zij hebben iets vreselijks te vertellen. Iedereen is heel stil in de klas, het is nog nooit zo stil geweest. De man van de politie verteld dat een van onze klasgenootjes vannacht is dood gegaan. Hij verteld dat zij is vermoord. Een andere vrouw, ook van de politie, zegt dat het om een meisje gaat. Nu weet iedereen wie het is. Wij mogen met een vrouw van slachtofferhulp praten maar daar heb ik geen zin in. Ik moet nog aan mijn werkstuk verder en dat is nu veel belangrijker.
Woensdag 29 oktober
Tuut-tuut-tuut, de wekker gaat af. Ik wil niet wakker worden, want ik ben nog zo moe. Het lijkt wel of ik niet ben uitgeslapen. Ik ga naar beneden om mij aan te kleden. Mamma heeft eten klaar gezet maar ik heb helemaal geen honger.
Als ik op school is de politie er weer, ik denk dat zij verder willen praten over het meisje dat is vermoord. Iedereen is reuze benieuwd naar het verhaal van de politieman, misschien verteld hij wel wat er is gebeurd. Ik zie dat onze juf huilt en word getroost door de directeur, meester Kees. Dit heb ik niet verwacht, de politieman verteld dat er weer iemand uit de klas is vermoord. Ik kijk om mij heen of ik iemand mis maar omdat een paar kinderen ziek gemeld zijn weet ik niet wie het is, jammer.
Ik vindt het wel raar dat wij geen vrij krijgen. Dan maar weer verder











