Kamperen
pagina 1 van 4Kamperen
“Pffft, nog zes dozen”, steunde ik terwijl ik met m`n armen vol de trap af liep. We, mijn broer en ik, waren bezig met het leegruimen van mijn moeders huis. Na tien jaar alleen gewoond te hebben, had ze nu besloten om naar een zorgcentrum te gaan. En vandaag zouden we haar laatste spulletjes uit zoeken. Een deel van haar spullen zou ze bewaren en een deel ervan zou naar de rommelmarkt gaan.
“Hier staan nog een paar dozen, achter het schot op zolder”, hoorde ik opeens mijn broer van boven schreeuwen. Met lood in mijn schoenen liep ik opnieuw de trappen naar de zolder op. Nog meer dozen, waar moesten we alles laten???
Toen ik mijn hoofd boven de zoldertrap uitstak, barstte ik spontaan in lachen uit. Mijn grote sterke broer, 1.95 meter en 90 kilo zwaar, zat in kleermakerszit op de grond. Om hem heen stond een oranje kampeerservies uitgestald. Ons eerste MEPAL kampeerservies, met onder andere bordjes, bekers en soepkommen.
“Weet je nog?” zeiden we gelijktijdig, “de vakantie die eerst niet doorging?” “En wat later een supervakantie bleek te zijn”, vulde ik aan. Mijn broer pakte een oranje beker van de grond en bekeek hem aan alle kanten. “Onverslijtbaar”, mompelde hij, “zelfs de kleuren zijn nog net zo helder als toen we in 1965 op vakantie gingen”.
Meteen sprongen mijn gedachten vijfenvijftig jaar terug. Ik was een meisje van acht en we hadden net van mijn moeder te horen gekregen dat we dat jaar niet op vakantie zouden gaan. Met vaders werk ging het niet goed en mijn ouders waren bang dat hij zijn baan kwijt zou raken. Een vakantie konden ze dus echt niet betalen. Mijn broer en ik waren enorm teleurgesteld, we hadden ons zó verheugd op een weekje aan zee! En wat zouden al mijn vriendinnen wel niet











